97. Gewone taal
“Nog naar Prinsjesdag gekeken, Bram,” informeerde Gajus die hoofdschuddend de krant waarin hij had zitten lezen, weglegde.





“Nog naar Prinsjesdag gekeken, Bram,” informeerde Gajus die hoofdschuddend de krant waarin hij had zitten lezen, weglegde.
“Afgedroogd,” somberde ome Bram.
“Van het veld geveegd,” viel Gijssie hem bij.
Komt er nog een Indian summer, wordt het ook in oktober weer zo warm dat alle temperatuurrecords van de afgelopen honderdvijftig jaar worden gebroken? In de Ingooi had ome Bram er een hard hoofd in en wat hem betrof konden Frits en Mehmet de terrasstoelen wel naar binnen halen.
“He, zie ik het goed, is dat meneer erJeetje?”
Het was al laat in de middag toen ome Bram in de Ingooi arriveerde maar zijn geroutineerd verkopersoog had onmiddellijk de bijzondere gast van die dag ontdekt. En volgens oud Amsterdams gebruik maakte hij gelijk maar gebruik van die gelegenheid om zijn komst duidelijk hoorbaar voor iedereen aan te kondigen.